Historie Trompenburg

In 1634 vond er een loting plaats van de kavels van de ‘s-Gravelandsepolder. Hierbij kreeg dr. Andries Bicker onder meer kavel 20 en 21 toegewezen.

Op kavel 20 stond in 1657 een ‘bouhuijs’ en een apart staand ‘huijs’. Eigenaar was toen de ingeland Jan van Hellemont, die in 1647 hoofdingeland was van ‘s-Graveland. Toen heette deze hofstede ‘Hoge Dreuvik’. Na Van Hellemonts overlijden trouwde zijn weduwe Margaretha van Raephorst in 1667 met admiraal Cornelis Tromp. Zij investeerden in hun buitenhuis op kavel 20.

Ter vervanging van het huis, dat in 1673 door het Franse leger in brand werd gestoken, liet Tromp nog voor 1680 een door water omringd nieuw gebouw met koepelzaal optrekken, dat hij naar zijn (in 1664 verworven) Deense graventitel ‘Syllisburg’ noemde.

Omstreeks 1708 was het huis al in handen van de Amsterdamse doopsgezinde koopman Jacob Roeters. Waarschijnlijk gaf Roeters ‘Syllisburg’ op kavel 20 de naam ‘Trompenburg’. Kavel 21 werd agrarisch geëxploiteerd.

Door een legaat van Frans Blauw wordt de Staat der Nederlanden in 1938 de nieuwe eigenaar. Vanaf 1953 wordt het huis door de Staat tot 2001 verhuurd aan het echtpaar Houthoff – de Groot. Vanaf 2006 is het in bruikleen van het Rijksmuseum Amsterdam, die het in 2010 weer heeft verlaten. Sindsdien wordt het slechts bewoond door een beheerder.

 

Bron: http://www.buitenplaatseninnederland.nl/